Vrije tijd

15 november, 2009

Mijn lichaam werd twee weken geleden onverwacht op de operatietafel gesmeten, maar mijn hersenen hebben sindsdien zware arbeid te verduren gehad! In de vorm van:

- meer dan 1400 bladzijden fictie –> Carlos Ruiz Zafón, Craig Thompson met het heerlijke Blankets, en Deception Point van Dan Brown
- 3 Flairs
- 1 Goedele
-  de dagelijkse krant, van voor naar achter en weer terug
- 1 toeristische gids (London, here I come… binnen twee maanden)
-  zowat elk tv-programma dat de moeite/het plezier van het bekijken waard is: van het hilarische ‘Boer zkt Vrouw’ tot ‘En u denkt dat u kan dansen ofwat?!’, met een speciale vermelding voor de middagherhalingen van het fantastische en ondergewaardeerde Spoed!
- opnieuw leren schaken, met dank aan het programmaatje op mijn nieuwe laptop

En dan zit ik nog middenin een verzameling columns van Tom Lanoye en de schitterende politieke satirestukjes van Louis Van Dievel (Zijne Majesteits Hofnar). Om nog maar te zwijgen van de Oddyseia van Homeros die klaarliggen bovenaan de stapel.

Nog een week ziekteverlof te gaan… Dat betekent: frustrerend veel stilzitten, maar het blijkt wél goed ter bestrijding van het gat in mijn cultuur! Tips zijn altijd welkom…


Koffiekoekendag

18 oktober, 2009

Een lange rij bij de bakker. Veel volk op straat, te voet. Veelbetekenende blikken gaan van passant tot passant, want we weten allemaal waar het over gaat.

Een papa loopt vóór mij. Dochter aan de linkerhand, papiertje in de rechter. Aan de overkant van het zebrapad een oude man met looprek, die zich met koppige verbetenheid tot op onze bestemming duwt. De jonge vrouwen met hoofddoek haasten zich naar binnen, weg van de bijtende zondagochtendkou.

‘t Is weer verkiezingsdag. Eén dag allemaal gelijke rechten en één gelijke bezigheid. Eén dag koffiekoeken op elke tafel.


Onderwereld onderhuids

16 oktober, 2009

Vrijdagochtend. Pikdonker buiten. Wekkers produceren een symfonie van doordringend gebiep en wektonen. Ik ben nog niet helemaal bij bewustzijn, voel mij een versgebakken worstenbroodje. Ingepakt in weldadig warme fleece- en donsdekens. De nachtmerries jengelen nog hardnekkig om een vervolg, vechten tegen het plichtsbesef dat er moet worden opgestaan. Vrijdagochtend, strijd leverend met uitlopers van kwade dromen en tegelijkertijd kampend met een chronische weerwil om mijn slaap te onderbreken.

De beelden blijven een hele dag onder mijn huid rondwaren. Het huis waar ik opgegroeid ben. Held die op de tweede verdieping zelfmoord pleegt met een pistool, terwijl ik op de eerste verdieping zit en om onverklaarbare reden de trap niet op kan. Een misdaad en nog een moord in huis. Veel mensen lopen rond, doen niets. De ramen staan open. Volk op straat. En ik word wakker van angst.

Wil Held wakkerbellen, midden in de nacht. Wil een stem om mijn bonzende hart te kalmeren. Wil wegkruipen in beschermende warmte. Maar ik dommel zomaar weer in.

Een catwalk waar ik noodgedwongen op moet, in de spotlights, met een riem die plots twee keer rond mijn middel kan. Iedereen lacht. En ik word wakker van de wekker.

Toch maar opstaan. Met een beklemmend ochtendhumeur dat de hele dag zal blijven duren.


De vensterbank

29 september, 2009

Ik woon in een buurt waar welgestelde mensen het liefst van al wegblijven. Vanochtend nog moest ik om een hoop vuilnis heen lopen die op mijn stoep was uitgekieperd. Even verderop steek ik de straat over omdat kraakpand nummer één een ondraaglijke geur verspreidt. En ter hoogte van kraakpand nummer twee balanceer ik op de rand van de stoep omdat ik precies weet op welke plek de dakgoot lekt.

Op het pleintje achter de hoek hangen dag en nacht dakloze mensen rond, soms zingend en lachend, soms drinkend van goedkope bierblikjes en iedereen de huid vol scheldend. En van de pakweg 150 mensen die in mijn straatje wonen, durf ik te gokken dat er 100 zijn die het buitengewoon moeilijk hebben om elke maand rond te komen. De oude mevrouw die alleen woont met haar gehandicapte zoon, het gezin in dat kleine appartement, de buurman die om 6u vertrekt om te gaan werken en nooit thuiskomt vóór middernacht.

Ik kan mezelf echt niet toestaan om etensresten of overschotten in de vuilniszak te kieperen, wetend dat veel van mijn buren -met of zonder dak boven hun hoofd- dikwijls honger moeten lijden. Hopla, weg ermee? Nee. De muesli die ik niet lekker bleek te vinden en het halve pak sla dat ik niet opkreeg, belanden in een plastic doosje of zak op mijn vensterbank. En geloof het of niet, maar binnen het halfuur zijn de restjes op mysterieuze wijze verdwenen.

Voor de actie van de Europese boeren, die 25 miljoen liter melk weggieten over hun velden en in rivieren, kan ik dan ook geen greintje begrip opbrengen. Een schaamteloze, oneervolle, scandaleuze actie die getuigt van héél weinig inlevingsvermogen. Hebben die boeren dan zelf nooit honger of dorst gekend? Ze hebben het moeilijk, hun bedrijven zitten in nesten, daar moeten oplossingen voor gezocht worden. Maar geen enkel probleem, hoe prangend ook, rechtvaardigt de gigantische verspilling van voedsel.

Volgende keer, beste boeren, nodig ik u uit in mijn wijk. En dan mag u uw melk komen uitgieten in kannen en flessen. Die ik met veel plezier op mijn vensterbank zal plaatsen.


Geen koffie

29 september, 2009

Een nieuwe melding aan de koffie-automaat vanmorgen. Moest toch even mijn ogen uitwrijven.

Plgnkff3


Stukje ongeduld

24 september, 2009

Ik kroop gisteravond met het middernachtelijke nieuws in bed. Nog 12 uur.

De wekker, vanmorgen, om halfzeven. Nog 5 uur en half.

De trein kruipt. Ik sukkel van de trein op het perron en mijn blikt trekt zichzelf naar de stationsklok. Nog 3 uur en half.

Koffiepauze nu. Twee melk, één suiker. Nog anderhalf uur.

Nee, ongeduldig ben ik niet. Maar ‘t wordt nu toch wel tijd! :-)


Alsof het nog maar pas begon

7 september, 2009

Ik mis de wind die om mijn oren slaat en de zon die ongenadig mijn gezicht inkleurt. Met rood, jammer genoeg. Ik mis de optredentjes op elke straathoek, opgefleurd met exotische kraampjes voor de hongerigen, dorstigen en shopaholics. Ik mis de vrienden en familie die altijd tijd hebben en altijd thuis zijn, op eender welk moment paraat voor een koffietas of terras of allebei. Ik mis het buitenleven en de gesprekken met nieuwe vrienden, zittend aan een kampvuur en onder een sterrendeken. Weer een warme en overvloedige zomer is plots voorbij. Alsof het nog maar pas begon. Zo snel, zo intens.

Ik mis de collega’s met hun enthousiasme, intelligente discussies en sublieme humor. Ik mis de boeiende interviews en leerrijke gesprekken, en zelfs het harde labeur van het schrijven. De koffie uit de automaat op de gang (hoewel ik die na enkele dagen alweer beu ga zijn, weet ik uit ondervinding). Ik mis de voldoening en de zinvolheid van het werken, in vergelijking met de luilekkere loomheid en ledigheid der vakantie. Weer een nieuw jaar vol uitdagingen wacht op mij op het werk. Ik begin eraan met volle goesting, alsof ik nog maar pas aan de slag ben.

Ik mis die twee sterke armen die mij zo goed weten vast te pakken. De gesprekken zónder telefoon, zonder woorden; de blikken die alles zeggen. Ik mis de geruststelling van zijn aanwezigheid, de wonderbaarlijke kalmte die zich van mij meester maakt wanneer hij in de buurt is. Ik mis die lieve lach die mij doet glunderen en gniffelen van plezier. Weer een nieuwe vastenmaand stelt mijn geduld en uithoudingsvermogen op de proef.

Maar de mooie momenten zijn niet met de zomer verdwenen. Want Held na een hele maand weer terugzien, dat is alsof het allemaal nog maar pas begon, met vlinders à volonté.


Collega

13 augustus, 2009

Een vrolijke fietsbel. Het geratel van zijn goedgesmeerde ketting. De banden van zijn wielerfiets over de kasseitjes van de zeedijk. De appreciatie in zijn stem bij het bewonderen van de kunstwerken in de badsteden op zijn tocht. De lach bij het gekscheren met maat fietskameraad.

De voorbijvlammende auto’s. Het toedoek-toedoek van het verkeer over de betonplaten van de steenweg. Het gebrabbel van kindjes op fietsjes en het bezorgde geroep van mama’s, dat ze voorzichtig moeten zijn op het fietspad. Bijna thuis. Hij kijkt uit naar de lach van vrouw en dochters.

Na het rondpunt en de bocht kijkt maat fietskameraad om. Geen geluid meer. Geen grap, geen babbeltje. Alleen het ronkende geluid van de vrachtwagenmotor. Zelfs geen schreeuw van verrassing of pijn. Zelfs geen piepende remmen.

Vooral veel stilte in de kerk. En troostende woorden, die proberen de stilte te verdrijven. En een harde klap, van een rouwende die het even begeeft onder de warmte en de emoties. Honderden mensen. Samen stil.


Chauvinisme zonder gène

27 juli, 2009

Antwerpen: de schoonste stad van de wereld om je vakantie in door te brengen. Zonder zwans!

Net 9 dagen vakantie achter de rug. Goedgevuld, maar zonder het gevoel dat ik van hier naar daar moest hollen. Alle leuke dingen in ‘t stad liggen namelijk op nauwelijks een kwartiertje fietsen (maximum!), van de Zomerbar over het Duveltjesstrand tot Park Spoor Noord. Mijn Stad is een perfecte plek voor impulsievelingen zoals ik.

Magnifiek circusvertoon van La Piste Là.

Ik heb verrukt gekeken naar openluchttheater op een verlaten industrieterrein. Ik ben tot op mijn ondergoed natgeregend door een plotse onweersbui en ben lekker opgewarmd door een kop hete muntthee in de Zomerbar. Ik heb Kuifje gelezen aan de voet van een stevige eeuwling in het Middelheimpark, zonnebadend tussen de beelden. Ik heb Vietnamezen zien springen en stunten met stokken in het licht van de schemering. Ik heb een reus met krullen en een frêle fee zien strijden, met salto’s en kunstjes, om de macht over elkaar. Hij draafde driest door de circustent, zij zweefde en vloog tot in de nok.

LieveKussengevecht

Foto van John Moussiaux. In de hoop dat die het mij niet kwalijk neemt dat ik een foto van hem ongevraagd publiceer op mijn weblog... ;-)

Ik heb ontbeten op een terrasje in de middagzon, met de kersverse krant van die dag voor mijn neus. Ik heb me geweerd als een duiveltje in een wijwatervat tijdens een kussengevecht met 999 andere mensen. In het mooiste station van het land, dat we dankzij de kussens in geen mum van tijd omtoverden tot gevederd sneeuwlandschap.

Ik heb me naast de buitendeur gezet om te genieten van het geplens op mijn binnenkoer. Heerlijk rustgevend, die zomerregen. Ik ben gaan afkoelen in het zwembad achter de hoek, waar nog geen tien man en al zeker geen paardenkop rondzwom. Ik ben de ligstoelen in Park Spoor Noord gaan uittesten met een vers sapje in de hand, exotisch muziekje op de achtergrond, 650 bladzijden tellend boek in de andere hand.

Ik ben naar de bib geweest. Heb er een boek ontleend met knappe wandelroutes in gans ons landje. Maar ik denk dat ik deze zomer toch maar in ‘t Stad blijf!


Crisisvragen

13 juli, 2009

Vraag op een zondags barbecuefeestje:

“Hoe komt dat eigenlijk, die crisis? Wat is het probleem nu precies?”

Reactie: complete stilte rond de tafel. Alleen gezichten vol vraagtekens. We praten mee, we voelen in onze portemonnee. Maar wie weet waarom?

Ergens weet ik het wel. Maar op een zonnige zondag, met sangria en ijsje binnen handbereik, ontbreekt de zin in uitgebreide uiteenzettingen over hypotheken, hebberige handelaars en bange bedrijfsleiders.