Op het gevaar af alleen nog maar aandacht te besteden aan vrij militante woorden (zie Woest), vind ik toch dat dit woord een plaats verdient in mijn eregalerij van mooie woorden:
Weer zo’n vergeten prachtexemplaar. Prachtigmooi hoe die rebellerende R’en op zich al een woelige opstand veroorzaken. En ze zijn zeldzaam, die Oproerkraaiers. Want ondanks alle communautaire woede, koopkrachtdalingen en kilometerslange files richting kust -toch allemaal een bron van diepgewortelde frustratie-, zijn de Oproerkraaiers in ons land een zeldzame en misschien zelfs uitgestorven soort.
Een ouder nummer van ons Weekblad leerde me dat ze er in Guinée nog wel hebben. Met bosjes zelfs. En dat ze vervolgd worden. Omdat ze kraaien. “De president verbiedt de bevolking ’s avonds en ’s nachts hun huis te verlaten. Hij geeft het leger ook de toelating om de huizen binnen te gaan en oproerkraaiers mee te nemen. Dat maakt de mensen bijzonder bang, want wat is een oproerkraaier in de ogen van een militair?”
Jacht maken op de zeldzame soort der Oproerkraaiers. Omdat ze hun mond opentrekken en hun uitzonderlijk mooie geluid laten horen: een roep om rechtvaardigheid, een roep om verzet.
Meneer de president/dictator, u moest zich schamen.

6 augustus, 2008 at 7:48 pm |
Also sprach Lieve de wereldverbeteraar!
7 augustus, 2008 at 9:01 am |
@ plezanterieke:
Always have been and always will be!
En zolang ik maar niet met de naam Zarathustra door het leven moet, ben ik tevreden met de functie van wereldverbeteraar…