Tocht langs de Oceaan

29 december 2010

Het was jaren geleden dat ik nog op dagtocht ging met een zware trekrugzak; een activiteit uit een ver jeugdbewegingsverleden, maar waar ik goede herinneringen aan overhield. Ik mag het voelen vandaag: mijn been- en kuitspieren, mijn schouders, knieën en enkels moeten nog bekomen van de loodzware inspanning. Maar de trektocht van Atlanterra naar Tarifa, dat uitstekende puntje onderaan Spanje, was het meer dan waard.

Lees de rest van dit artikel »


Cádiz, stad in de zee

27 december 2010

Twee dagen in Cádiz verbleven en morgen nog één dag om er in rond te dwalen.Wie zich nu afvraagt waar Cádiz precies ligt of wat er te zien valt: geen paniek, daar had ik tot enkele maanden geleden ook geen flauw benul van.

Cádiz, de stad die vroeger door de Romeinen Gades genoemd werd, ligt op een smalle landtong die met  een 7 km lange snelweg met het Spaanse vasteland verbonden is. En die “smal” mag je heel letterlijk nemen: sta je aan de ene kant van de stad, met uitzicht over de Baai van Cádiz en in de verte het kustdorpje Puerto de Santa María, dan moet je amper vijf minuutjes naar de andere kant lopen om dat uitzicht te verruilen voor eentje op de uitgestrekte Atlantische Oceaan.

Dat voelt minder claustrofobisch aan dan het klinkt. De stad heeft een goeie 150.00 inwoners en er is plek genoeg voor iedereen. Op de vele magnifieke stranden, of in de tientallen gezellige winkelstraatjes, op de horde scooters die je overal ziet rondsnorren. Cádiz heeft véél troeven als vakantiestad: zon, cultuur, lekker eten, relaxte sfeer, rijke gsechiedenis.

En toch, wanneer ik mijn foto’s van de voorbije dagen upload, valt het niet te ontkennen dat de zee het meest indruk heeft gemaakt. Op het merendeel van mijn beelden van Cádiz is blauw te zien, water, oceaan, golven die tegen de rotsen beuken, langgerekte stranden.

Ik ben heerlijk gaan uitwaaien op de dijk gisteren, toen het wat minder goed weer was, waarbij het oorverdovende geluid van de golven een merkwaardig rustgevend effect bleek te hebben. Ik heb met mijn vakantieboek op het strand gezeten vanmiddag, lekker uit de wind, af en toe opkijkend om een blik te werpen op de oceaan en de oogverblindende schitteringen van de zon op het wateroppervlak. Ik heb de prachtige kleurschakeringen gezien van de zonsondergang, boven de Baai van Cádiz, onmogelijk te vatten in woorden of op beeld.


De zee, de Oceaan in Cádiz: onvergetelijk. Benieuwd wat dat wordt in Tarifa, mijn volgende stop: waar de Atlantische Oceaan en de Middellandse Zee elkaar ontmoeten.

 


Kerstmis

25 december 2010

Voor mijn ouders, zussen, schoonbroer en neefje, voor de goede vriendinnen en mijn onmisbare Held, en ja, zelfs de collega’s die ik toch wel mis tijdens deze feestdagen:


Kort nieuws

22 december 2010

De kerstkaartjes zijn al onderweg, maar voor degenen die hun nieuwsgierigheid niet kunnen bedwingen:

- na vier dagen Sevilla en twee in Sanlucar de Barrameda trek ik morgen naar Jerez de la Frontera, stad van sherry, paarden en flamenco. Ik kan me vergissen, maar denk dat ik een behoorlijk atypische kerst tegemoet ga.

- het regent hier zoals ik dacht dat het alleen in België kon regenen, met zelfs overstromingen (gelukkig nog net niet in de provincie waar ik zit) toe. Ben hier gezellig een griepje aan het krijgen. In Spanje, nota bene!

- het is in Spanje blijkbaar de gewoonte om je vrienden en familie rood ondergoed cadeau te geven tijdens de feestdagen. Dat zou je geluk brengen in het nieuwe jaar. Let op, je mag het wel niet voor jezelf kopen, dat telt niet! Mijn Held is bij deze gewaarschuwd: 1 boxershort in flashy red colour coming through.

- wil jullie tot slot de foto’s van mijn huidige logies niet onthouden. Ik zit hier (tot morgen dus) in een pracht van een gastenhuis, compleet met patio en salon met knusse sofa’s. Kamer ingericht met oude reiskoffers, oosters ogend dekbed, retro zeteltjes, unieke glazen lampjes op het nachtkastje… Echt af. Héérlijk om in te verblijven!


Regen

21 december 2010


Sevilla: Antwerpen, maar dan met palmbomen

19 december 2010

Sevilla! Eerste stop op mijn rondreis. En ik ben al tot ver achter mijn oren verliefd op de stad. Want Sevilla is een beetje het Antwerpen van Zuid-Spanje. Maar dan met palmbomen.

Om te beginnen: Sevilla is onmiskenbaar een stad aan een rivier, en dat voelt al een beetje als thuis (of het nu Schelde is of Guadalquivir, what’s in a name?). Je kan er kuieren en slenteren langs de kade, genietend van het uitzicht en van de bootjes op het water: Heel in de verte zie je de kranen van de haven oprijzen.

Alles is hier ook heerlijk dichtbij. Sevilla lijdt niet aan de grootheidswaanzin van Madrid of Barcelona: hier ben je met een wandelingetje van een uur bijna aan de andere kant van de stad. Als je de weg kent, tenminste. En omdat het hier vrij plat is, zie je ook overal fietsen rondflitsen. Ik zei het al: het lijkt wel ‘t Stad!

Ze hebben hier ook een uitgebreid historisch centrum, waar achter elke steen geschiedenis schuilgaat. Kerkje van dit, Romeinse muur van dat, Arabisch herenhuis van dit, beeldhouwwerk van dat. En er zijn tientallen van die smalle straatjes, volgepropt met gezellige cafés en originele winkeltjes. Doet denken aan een mélange van de Wilde Zee, het Consienceplein en de Melkmarkt.

En de inwoners van Sevilla? Die houden van goed eten, plezier maken en elkaar plagen met een kwinkslag. Ze zijn onvoorwaardelijk trouw en ongelooflijk trots op hun stad. Ze zijn niet op hun mondje gevallen, maar ze bedoelen het goed. Klinkt dat bekend in de oren, beste mede-Antwerpenaren?

Sevilla en Antwerpen: ze hebben allebei een Linkeroever waar het bruist van de creativiteit, ze hebben allebei een gotische kathedraal waar je mond van openvalt en waar je stil van wordt. En je moet in beide steden goed op je tellen letten om te voorkomen dat je onder een auto belandt.

Ik voel mij echt thuis in deze stad! Moest ik deze middag niet in een warm zonnetje onder een palmboom hebben zitten soezen, ik zou niet eens merken dat ik met vakantie was…


Kleine mensen in een grote kathedraal

18 december 2010

Je voelt je zo klein, zo nietig, zo onbetekenend. Dat was wellicht ook de bedoeling van de architecten van de grootste gotische kathedraal van Europa. Dat je stomverbaasd omhoogkijkt naar het torenhoge, rijkversierde plafond en vervolgens nederig knielt bij het aanschouwen van alle goud, zilver, pracht en praal in de kathedraal, onder de strenge blik die de heiligenbeelden op je neerwerpen.

Je voelt je zo klein, zo nietig, zo onbetekenend. Wanneer je voor de graftombe staat van de man die de andere kant van de wereld ontdekt heeft. Of het lichaam van Colombus er nu écht in ligt of niet, maakt niet eens uit: wat hij gedaan heeft, wordt des te tastbaarder bij de tombe, in de kathedraal van Sevilla. Cristobal Colón, zoals hij in Spanje heet: de man uit de geschiedenisboeken. Een gek, een dromer, die met een nietig houten bootje -het type waar nu geen kat nog een voet in zou durven zetten- de woeste oceaan trotseerde en op ontdekking ging.

Misschien moeten we allemaal maar wat meer Colombus proberen te zijn. Maar de kans dat we allemaal zo’n indrukwekkende graftombe krijgen, die is klein.


De nachttrein

17 december 2010

Op een laddertje klimmen om in je slaapbank te sukkelen. Het gestage geraas als sussend achtergrondgeluid terwijl je indommelt. De cadans van de trein, de diepe hartslag van het beest dat over de sporen zuidwaarts vliegt. Af en toe turen in de nacht naar een lichtje. Wat voelt het heerlijk vertrouwd. Net als vroeger, met de intussen afgeschafte rode nachttrein naar Zwitserland.

Woelen in een smal bed. Dooreengeschud worden in perfecte synchronisatie met het schudden van de trein. Een oververhitte coupe door de warmte van vier slapende lijven. Nachtelijk ijsberen op de benauwende gang, de nacht ontdaan van alle menselijke geluiden, en tevergeefs proberen om een verlicht plaatsnaambordje te lezen dat veel te snel voorbijflitst. De machine stopt, trekt zich langzaam weer op gang, stopt weer. De trein kruipt, holt, kreunt, kraakt, steunt, fluistert, piept. Een levend, grommend beest, lijkt het, en ik zit opgesloten in de buik.
Die andere kant. Dat was ik vergeten.

De onbetaalbare beloning: wakker worden in Spanje. Met een onbeschrijflijk mooie zonsopgang boven de heuvels van Segovia en Madrid.


Follow

Get every new post delivered to your Inbox.