In wetten gegoten

27 november, 2009

Ik kan er niet bij met mijn verstand. Dronken chauffeurs die toch nog achter het stuur kruipen. Sleutel in het contact, het gaspedaal indrukken, moet nog lukken in die toestand. Snel reageren of op tijd remmen, dat gaat niet meer. Een paar jonge fietsers worden van de kant van de weg geplukt. Een kind loopt de straat op. Veel levens voor altijd verwoest. Voor mij is het simpel: ik kies, tussen drinken en rijden.

Ik kan er niet bij. Met enkele jaren vertraging heb ik binnenkort eindelijk mijn rijbewijs op zak. Als het wetsvoorstel goedgekeurd wordt, mag ik voortaan geen glaasje wijn meer drinken wanneer ik terug naar huis rijd na een etentje.

Ik kan er niet bij. In de krant lees ik over die vreemde hype onder jongeren, “comazuipen”. Gezellig samenkomen met vrienden, iedereen neemt een fles sterke drank mee. En dan maar om het stoerst doen, om het meest drinken. Tot je bijna -of in veel gevallen zelfs écht- in het ziekenhuis belandt.

Ik kan er niet bij. Als ik een auto wil kopen met mijn bijeengeschraapte spaarcentjes, moet ik als jongere een torenhoge verzekeringspremie betalen.

Ik kan er niet bij. Op feestjes, fuiven en in discotheken staan de jongeren aan het begin van de avond stil langs de kant. Ondanks de muziek die al speelt. Pratend, gebarend, drinkend. Tot een paar glazen alcohol de gemoederen los hebben gemaakt en de feestgangers een dansje durven placeren. Bij een aantal jongeren, maar gelukkig niet bij allemaal, leeft de overtuiging dat amusement en drank onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn.

Ik kan er niet bij. Als milieubewuste twintiger zou ik graag autodelen via het Cambiosysteem, maar ik mag niet. In de lijst met voorwaarden voor inschrijving lees ik: “minimum twee jaar beschikken over rijbewijs B”.

Moeten politici mij nu echt op voorhand straffen voor dingen die ik niet gedaan heb? Moet gezond verstand dan echt opgelegd worden door wetten van bovenaf?


De vensterbank

29 september, 2009

Ik woon in een buurt waar welgestelde mensen het liefst van al wegblijven. Vanochtend nog moest ik om een hoop vuilnis heen lopen die op mijn stoep was uitgekieperd. Even verderop steek ik de straat over omdat kraakpand nummer één een ondraaglijke geur verspreidt. En ter hoogte van kraakpand nummer twee balanceer ik op de rand van de stoep omdat ik precies weet op welke plek de dakgoot lekt.

Op het pleintje achter de hoek hangen dag en nacht dakloze mensen rond, soms zingend en lachend, soms drinkend van goedkope bierblikjes en iedereen de huid vol scheldend. En van de pakweg 150 mensen die in mijn straatje wonen, durf ik te gokken dat er 100 zijn die het buitengewoon moeilijk hebben om elke maand rond te komen. De oude mevrouw die alleen woont met haar gehandicapte zoon, het gezin in dat kleine appartement, de buurman die om 6u vertrekt om te gaan werken en nooit thuiskomt vóór middernacht.

Ik kan mezelf echt niet toestaan om etensresten of overschotten in de vuilniszak te kieperen, wetend dat veel van mijn buren -met of zonder dak boven hun hoofd- dikwijls honger moeten lijden. Hopla, weg ermee? Nee. De muesli die ik niet lekker bleek te vinden en het halve pak sla dat ik niet opkreeg, belanden in een plastic doosje of zak op mijn vensterbank. En geloof het of niet, maar binnen het halfuur zijn de restjes op mysterieuze wijze verdwenen.

Voor de actie van de Europese boeren, die 25 miljoen liter melk weggieten over hun velden en in rivieren, kan ik dan ook geen greintje begrip opbrengen. Een schaamteloze, oneervolle, scandaleuze actie die getuigt van héél weinig inlevingsvermogen. Hebben die boeren dan zelf nooit honger of dorst gekend? Ze hebben het moeilijk, hun bedrijven zitten in nesten, daar moeten oplossingen voor gezocht worden. Maar geen enkel probleem, hoe prangend ook, rechtvaardigt de gigantische verspilling van voedsel.

Volgende keer, beste boeren, nodig ik u uit in mijn wijk. En dan mag u uw melk komen uitgieten in kannen en flessen. Die ik met veel plezier op mijn vensterbank zal plaatsen.


Het verhaal van de dingen

25 juni, 2009

Het verhaal van de dingen is vrij fatalistisch en deprimerend. Geen enkel woord uit mijn lievewoordenarsenaal is op dat verhaal van toepassing. Dus hou ik het bij een kort maar krachtig oproepje om te kijken naar deze teaser voor het filmpje dat ik zonet zag en waarbij de tranen mij begot in de ogen schoten. Het hele filmpje duurt zo’n 20 minuten en je kan het gratis downloaden op www.storyofstuff.com. Kijk en doe iets!


Ex

12 juni, 2009

Het is gedaan. Ik wil hem niet meer zien. Het werd de laatste weken steeds erger, maar dit keer gaat het echt te ver.

Sinds enkele weken ben ik resoluut en principieel ex-lezer van De Morgen. Ooit mijn favoriete dagblad, nu een bijeengeraapte hoop mainstream artikels en nonsense-news. Een krant die zonder twee keer nadenken gevuld wordt met Belga-berichten en een mediakatern dat alleen maar dient om Brecht Decaestecker een vaste job te bezorgen.

Op de redactie van de krant waar ik ooit zo van hield, moet ondertussen een heel aantal stoelen leeg zijn. Journalisten buitengegooid of uit principe zelf opgestapt. Dat monument Bernard Dewulf mee in de goot belandde, sloeg alles. Sindsdien keur ik De Morgen geen blik meer waardig en lees ik elke morgen, voor ik naar mijn werk vertrek, die ene column van de Meester die ik ooit op mijn prikbord speldde. En ik voel diep medelijden met Margot Vanderstraeten, die moet proberen om de Onvervangbare te vervangen als sidekick van Hugo -ik moet uw columns lezen met een woordenboek ernaast- Camps.

Om de pijn van mijn break-up met De Morgen te verzachten: surf naar de blog van Tim Van der Mensbrugghe. Om de laatste sappige inside roddels over het wanbeleid bij die “krant” te ontdekken. Om uw frustratie te delen met anderen die De Morgen zien doodbloeden. Om te rouwen en uw medeleven te betuigen aan de vele stervenden. En ook omdat Van der Mensbrugghe nu eenmaal scherp en boeiend schrijft. Dat blijkt nu eenmaal een voorwaarde om bij De Morgen buitengegooid te worden.


Binnen

1 juni, 2009

Ik sta te popelen om weer te gaan werken morgen. Eindelijk terug naar Brussel! Eindelijk weer naar die heerlijk vieze smoglucht! Ik kan niet wachten, tel de uren af. Want hier in Antwerpen is er geen ontsnappen aan. Terwijl u op Sint-Anneke of in uw persoonlijke ligstoel ligt te zonnen, moet ik mezelf een heel weekend opsluiten.

Mijn lijf weigert namelijk om buiten te vertoeven dezer dagen. Wanneer ik dat bevel negeer, dan protesteert het. En dan zal ik het geweten hebben. Dan gaat het beven, sidderen, niezen, tranen, hoesten, piepen, pikken en schreeuwen. Want dat is nu eenmaal wat hooikoorts met u doet op slechte dagen.

Vrijdag zat ik volop te snotteren tijdens een interview. Zaterdag moest ik binnenblijven tijdens het familiefeest, terwijl de tantes en nonkels en neven en nichten gezellig zaten te barbecueën in het zonnetje. Zondag heb ik me dan maar thuis opgesloten. Maar vandaag bleek dat zelfs niet te helpen: één stap op mijn binnenkoertje en mijn lijf was weer vertrokken. Terwijl ik alleen maar een straaltje zon en de bijhorende energie wilde meepikken!

En mijn vertrouwde pilletjes laten het afweten. De verraders. Dus kan ik niets anders doen dan binnenblijven. En werken. Voor het Weekblad, voor de site van Het Nieuwsblad. Werken tegen de sterren op. Met veel plezier, overigens. Maar zouden mijn bazen misschien dat helse goede weer hebben besteld?


Chocoladetherapie

16 mei, 2009

Ik ging alleen maar een nieuwe donsdekenovertrek kopen vandaag, meer niet. En ah ja, naast die winkel was een spotgoedkope schoenenwinkel, dus ook daar moest ik natuurlijk even binnenspringen. Een paar fantastische schoenen, niet te geloven! Ik zet mij op het schoenpasstoeltje, ik pas. Ik zet een stapje dichter bij de spiegel om die prachtexemplaren te bekijken. Ik kijk om. En ik zie mijn handtas niet meer staan. 

Twee blikken rondom volstaan om te zien dat dat niet de fout is van mijn eigen slordigheid. Ik spurt de winkel uit (op de onbetaalde schoenen). Blijf op straat staan, luid vloekend en roepend. Wie de dief ook was, hij of zij is meteen in de winkelende massa verdwenen. Weg portefeuille met amper 20 euro. Weg gsm, met die allereerste foto van Held en mij. Weg treinabonnement en identiteitskaart. Weg iPod. Weg is mijn bankkaart en weg is de zijne. 

Na twee uren met hysterische huilbuien, apathisch winkelpersoneel en onverschillige Antwerpse politieagenten kom ik weer tot bedaren. Niet zo erg, uiteindelijk. Zus, die vlakbij woont, heeft een reservesleutel van mijn thuis. Zus, de schat, schiet me wat geld voor. De buren laten me Card Stop bellen. Er wacht me een boel administratieve rompslomp, maar er zijn erger dingen in ‘t leven. 

Het enige wat ze mij niet terug kunnen geven, is het vertrouwen in andere mensen. ‘t Zat niet in mijn handtas, maar ze hebben het meteen mee gepikt. U bent gewaarschuwd, onbekende man of vrouw in de straat. Ik vertrouw u niet meer, nooit en voor geen haar. 

Op dit moment is er maar één ding dat mij die nare onbekende dief kan doen vergeten: een grote pot Ben & Jerry’s. New York Super Fudge Chunk. Met véél chocolade. Geen betere therapie denkbaar.


Pantomime

1 april, 2009

Ze waren zo blij, die twee mama’s. Ik zag ze op tv. Van levenloze liggende lichamen waren ze veranderd in energieke, wellustige vrouwen. Geen doffe blik meer, maar hoop en toekomstplannen in hun ogen. Want een minister had hen die ochtend beloofd dat ze voorlopig geen schrik meer moeten hebben om met kinderen en al gedeporteerd te worden. Hun oogappels zouden nog even met de neus tussen de schoolboeken mogen blijven zitten. Onder een hele rist strenge voorwaarden, zo zei de minister er wel bij. 

Mijn gedachten dwalen af naar Azar, een Iraanse vrouw uit Antwerpen. Of meer een Antwerpse vrouw uit Iran. Negen jaar in België, twee kinderen die zich niets van hun geboorteland herinneren. Mag niet werken, krijgt wel een belastingbrief. Zou zij mogen blijven van mevrouw de minister? Zal de angst haar eindelijk loslaten? 

Ik denk aan Mamadou, gevlucht voor burgeroorlog en dictatuur. Vijf jaar geleden, geen papieren. Spreekt intussen vlot beide landstalen en werkt zich kapot om te kunnen overleven. Wel geïntegreerd, wel werk. Geen kinderen, geen papieren. 

Maar goed, de mama’s waren blij en dat deed deugd. De minister was zo mogelijk nog blijer, omdat ze met deze onverwachte beslissing een hoop stemmen hoopt binnen te halen bij de verkiezingen in juni. En dat was ongetwijfeld ook de enige bedoeling. De zware mantel met kritiek van zich afgooien, zich ontdoen van het imago van harteloze tante. Na meer dan een jaar van non-beleid en nietsdoen kan ze nu toch zeggen dat ze íets gedaan heeft. 

Ik ben dat beu, dames en heren politici. Dat u denkt dat mijn stem te koop is voor een schijnregularisatietje, een jobkortinkje of een langewappertje. Zo snel even erdoor gejaagd, om de schijn van regeren op te houden. Een maatregeltje om mee te kunnen uitpakken bij de kiezers. Een gebarenspel onder begeleiding van muziek en dans, pantomime van de beste soort. Maar jammer genoeg geen fictie. 


Energieverslindend

10 maart, 2009

Als ik kwaad ben, heb je verschillende mogelijkheden. Ik kan licht geïrriteerd zijn. Soms ben ik op mijn tenen getrapt. Koleirig, dat kan ook. Of heel erg verontwaardigd.

Maar echt razend kwaad, ronduit woest, zo’n bui waarin je met verwijten gaat slingeren en zin hebt om -bij wijze van spreken- iemand in elkaar te timmeren? Dat overkomt me zelden. Maar ik voel het: nu is het bijna zover. De spanning stapelt zich op en heeft bijna haar kookpunt bereikt.

Held woont net in een nieuwe studio. Vier bij vijf meter, pas gerenoveerd, goed geïsoleerd, hartje Brussel. Hij verwarmt de kamer met een kleine gaskachel. En zijn nieuwe energieleverancier wil hem een verbruik aanrekenen waarmee ik zonder moeite een villa zou kunnen verwarmen.

Daar kan een mens “gewoon kwaad” van worden. De echte, pure woede kwam er pas toen we probeerden om die fout te laten rechtzetten. Vier mails. Twee faxen. Zesentwintig telefoontjes, naar mijn energieleverancier en netbeheerder. Vier met zijn huisbaas. Eentje naar de informatiedienst van de federale overheid.

En om het helemaal te gek te maken: na al die tijd- en geldverspilling is zijn probleem nog altijd niet opgelost. We worden van veel kastjes naar nog meer muren gestuurd. Razend kwaad word ik daarvan!

Ik heb niets tegen de callcenter-medewerkers van mijn energiemaatschappij hoor. Fijne mensen, ik ken ze ondertussen bijna allemaal. Sofie, beleefd en professioneel. Nathalie, heel efficiënt en hulpvaardig. Jeroen, een starter die alleen maar procedures bovenhaalt.

‘t Is niet hun schuld, wel die van hun op winst beluste bazen. Wat ik nodig heb, is iemand die mij objectieve informatie geeft in de jungle van energiefacturen, contracten, voorschotten en afrekeningen. Waar blijft die beloofde federale ombudsman?

Ik zal volhouden tot het bittere einde. Ik zal blijven telefoneren, mailen, faxen, ik ga desnoods persoonlijk naar het hoofdkantoor van zijn leverancier. Maar wat moeten mijn kansarme buren dan, die geen uren naar het 078-nummer van de klantendienst kunnen bellen? Wat moet mijn oma, die niet zo goed is met paperassen, wanneer de energieleverancier met haar voeten speelt?


Millieuterrorist

10 februari, 2009

Ik noem mezelf een milieuterrorist. Ik sorteer maniakaal nauwkeurig: het papiertje van mijn theezakje gaat de papierdoos in, het zakje zelf in het groente-fruit-en-tuinafval. Ik zet tijdens de middagpauze mijn computerscherm uit, switch de radio off en doe het licht uit. Ik krijg het niet over mijn hart kleine drankjes in brikverpakking te kopen en kies voor de grote glazen flessen ernaast. Ik print documenten dubbelzijdig af en gebruik kladpapier om mijn telefoonkribbels en notities op achter te laten. Ik weiger overbodige apparaten in mijn keuken omdat die toch alleen maar teveel elektriciteit verbruiken: een microgolf, een keukenrobot, een dubbele mixer of een waterkoker. Ik heb vijf jaar lang pertinent geweigerd mijn rijbewijs te halen, in de overtuiging dat ik er met trein-tram-bus ook wel zou raken, zónder de ozonlaag naar de vaantjes te helpen. Ik poets mijn tanden met een bekertje water in plaats van het kraantjeswater te laten lopen. 

Ik ben vrij extremistisch milieutaristisch op sommige momenten, dat geef ik toe. Maar ik ga nooit iemand verplichten om die kleine gewoonten over te nemen. Mijn bemoeienissen beperken zich tot af en toe een afkeurende blik. Voor de rest houd ik me in. 

Maar dit! Dit moet je gezien hebben. Iets van Nic Balthazar. Het vraagt je slechts 5 minuten en 54 seconden van je tijd. Het is bovendien ook leuk, aantrekkelijk en catchy. Het wordt begeleid door krachtige muziek van Hooverphonic. Een filmpje. Dat iederéén moet zien. En liefst iedereen in actie zou moeten doen schieten, vooral de politici die de mogelijkheid hebben om dingen te veranderen. Act now!


Kunst in de Kamer

12 december, 2008

Politiek is een saaie aangelegenheid. Een défilé mannen in pak met veel nietszeggende woorden. Een ver-boven-mijn-hoofd-show met acteurs die niet aan mij denken. Dat is zowat mijn conclusie wanneer ik zie hoe het gros van mijn vrienden, familie en kennissen denkt over the noble art of politics.

Nochtans is het niet zo moeilijk aan te tonen dat politiek wel degelijk een bijzonder boeiende kunstvorm is. Gisteren mocht ik weer smullen en mijn buikje vullen met een prachtig stukje politieke actualiteit dat in het journaal aan bod kwam. Puur schouwspel, met theatrale vertolkingen van het allerhoogste niveau! Dat onze als politicus vermomde ex-judocoach daar een krak in is, weten we al langer. Maar ook Servais Verherstraeten van CD&V haalde alle emotionele registers uit de kast.

Kijkt u even mee en geniet van het retorische spektakel:
(wel even geduld oefenen, de climax komt traditioneel gezien pas tegen het einde van het item aan)

Voor een goed en overtuigend stukje theater moet je echt geen programmabrochures van culturele centra zitten uitpluizen of afstemmen op de laatste nieuwe Vlaamse dramaserie. Zet gewoon het journaal op en geniet. En voor de rabiate cultuurfans is er nog altijd Villa Politica op woensdagmiddag: live uitgezonden parlementaire debatten. Tijdloze weerspiegelingen over de essentie van het leven zelve, over maatschappelijke waarden en persoonlijke conflicten, in de mooist mogelijke bewoordingen.

Wie zei er dat politiek een saaie aangelegenheid was?